dozen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • do·zen

Zelfstandig naamwoord

dozen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord doos


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
dozen dozens

Zelfstandig naamwoord

dozen

  1. dozijn

Mag ik een dozijn eieren?#:*Can I have a dozen eggs?