Naar inhoud springen

douanier

Uit WikiWoordenboek
  • dou·a·nier
enkelvoud meervoud
naamwoord douanier douaniers
verkleinwoord - -

dedouanierm

  1. (beroep) ambtenaar bij de douane, douaneambtenaar, douanebeambte
97 %van de Nederlanders;
97 %van de Vlamingen.[2]


  enkelvoud meervoud
  mannelijk   douanier douaniers
  vrouwelijk   douanière douanières

douanier

  1. wat te maken heeft met de douane; douane-
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  douanier     le douanier     douaniers     les douaniers  

douanier m

  1. (beroep) douanier