douanier
Uiterlijk
- dou·a·nier
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | douanier | douaniers |
| verkleinwoord | - | - |
de douanier m
- (beroep) ambtenaar bij de douane, douaneambtenaar, douanebeambte
- Het woord douanier staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "douanier" herkend door:
| 97 % | van de Nederlanders; |
| 97 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk | douanier | douaniers |
| vrouwelijk | douanière | douanières |
douanier
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| douanier | le douanier | douaniers | les douaniers |
douanier m
- mannelijke vorm van douanière
- ↑ douanier (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beroep in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 97 %
- Prevalentie Vlaanderen 97 %
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 8
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Achtervoegsel -ier in het Frans
- Bijvoeglijk naamwoord in het Frans
- Zelfstandig naamwoord in het Frans
- Beroep in het Frans