doofstom
Uiterlijk
- doof·stom
- samenstelling van doof bn en stom bn
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | doofstom |
| verbogen | doofstomme |
| partitief | doofstoms |
doofstom
- (medisch) niet kunnen horen en niet kunnen spreken
- Het doofstomme meisje sprak door middel van de Nederlndse gebarentaal.
- De term doofstom is tegenwoordig vervangen door de term doof zonder het woord stom dat ook dom kan betekenen.
- Het woord doofstom staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "doofstom" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be