Naar inhoud springen

dokteres

Uit WikiWoordenboek
Dokteres met een patiënte
  • dok·te·res
  • afgeleid van dokter met het achtervoegsel -es
enkelvoud meervoud
naamwoord dokteres dokteressen
verkleinwoord dokteresje dokteresjes

dedokteresv

  1. (beroep) (medisch) vrouwelijke arts
42 %van de Nederlanders;
85 %van de Vlamingen.[1]
  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be