dierenhuid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • die·ren·huid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dierenhuid dierenhuiden
verkleinwoord dierenhuidje dierenhuidjes

Zelfstandig naamwoord

dierenhuid v/m

  1. dierenvel meeestal gebruikt als leer, bont of perkament.

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.