Naar inhoud springen

dialogue

Uit WikiWoordenboek
enkelvoud meervoud
dialogue dialogues

dialogue

  1. dialoog
  2. (informatica) dialoogvenster
  1. [2] dialog box, dialog window
vervoeging
onbepaalde wijs to  dialogue 
he/she/it  dialogues 
verleden tijd  dialogued 
voltooid
deelwoord
 dialogued 
onvoltooid
deelwoord
 dialoguing 
gebiedende wijs  dialogue 

dialogue

  1. (verouderd) deelnemen van een gesprek, dialogeren, discussiëren
    «Dost thou dialogue with thy shadow?»
    Dialogeerstu met dijn schaduw?
  2. overzetten naar dialoogvenster-formaat, dialogiseren
100 %van de Amerikanen;
100 %van de Britten.[1]
  1. Bronlink geraadpleegd op 30 september 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 18 februari 2020 “Measures of word prevalence for 61,800 English words” op ugent.be
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  dialogue     le dialogue     dialogues     les dialogues  

dialogue m

  1. dialoog
vervoeging van
dialoguer

dialogue

  1. eerste en derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van dialoguer
  2. tweede persoon enkelvoud gebiedende wijs (impératif présent) van dialoguer
  3. eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van dialoguer