destructief

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • des·truc·tief
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van destructie met het achtervoegsel -ief
  • afgeleid van het Franse destructif of daarvoor van het Latijnse 'destructivus'
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen destructief destructiever destructiefst
verbogen destructieve destructievere destructiefste
partitief destructiefs destructievers -

Bijvoeglijk naamwoord

destructief

  1. zware schade aanbrengend
    • Het eiland werd getroffen door een uiterst destructieve aardbeving. 
     Door haar wimpers heen zag ze hoe de homepage aan zijn destructieve metamorfose begon.[1]
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen


Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Suzanne Vermeer op WikipediaAll-inclusive” op Wikipedia (2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht, ISBN 90-229-9182-2
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be