damesblad

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • da·mes·blad
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord damesblad damesbladen
verkleinwoord damesblaadje damesblaadjes

Zelfstandig naamwoord

damesblad o [1]

  1. tijdschrift voor vrouwen
    • Libelle, Margriet, Viva maar ook Opzij zijn damesbladen. 
    • Ze raakte verslingerd aan damesbladen, eerst Margriet, later Yes, Flair, Viva en zelfs Mijn Geheim, die haar vertelden hoe andere mensen leefden, en hoe je je moet gedragen. [2] 
Synoniemen
Antoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Brigit Kooijman 24 augustus 2012
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be