cruiser

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

cruiser
Uitspraak
Woordafbreking
  • crui·ser
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Engels
enkelvoud meervoud
naamwoord cruiser cruisers
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

cruiser m

  1. een vervoermiddel waarin je je snel kunt voortbewegen
    • Mis je die extra pk’s die de Turbo S E-Hybrid levert in de gewone Turbo? Absoluut niet. De ‘gewone’ Turbo is al zo ontaard snel, dat het lijkt alsof het niet beter kan. De 550 pk en 770 Nm koppel is dankzij de permanente aandrijving van alle wielen ruim voldoende om de 2.035 kilo zware Panamera in een ultieme Autobahn-cruiser te veranderen. [1] 
    • Stoere kerels hijsen ons in de zwemvesten en gordels die verplicht zijn op de snelle cruiser die het ijskoude water doorklieft als een warm mes door de boter. Rondom water, bergen, bossen en ruïnes. Adembenemend mooi. [2] 
  2. (militair) soort marineschip dat zich met een hoge snelheid kan voortbewegen
  3. motorfiets voor toeristisch gebruik
Synoniemen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Tubantia Erik Kouwenhoven 05-06-18 Niets is meer heilig: rijden met Porsche's eerste stationwagon
  2. De Telegraaf JEROEN HENDRIKS 15 aug. 2018 Vink je Schotse bucketlist af met dit lijstje