contraer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tra·er
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
contraer
contraía
contrayendo
volledig

Werkwoord

contraer

  1. doen samentrekken, doen krimpen, inkorten
  2. sluiten, aangaan, aannemen
Synoniemen
Verwijzingen