conformisme

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·for·mis·me
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord conformisme -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

conformisme o

  1. neiging om zich te schikken naar de heersende opvatting
Antoniemen
Verwante begrippen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie