chicorei

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • chi·co·rei
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord chicorei chicoreien
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

chicorei m

  1. (landbouw) gemalen en geroosterde witloofwortel
    • Tijdens de oorlog werd de chicorei geroosterd als erzats voor koffie. 
Synoniemen

Gangbaarheid

62 % van de Nederlanders;
79 % van de Vlamingen.