canarder

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak

Werkwoord

canarder

  1. (spreektaal) knallen, schieten [1]
  2. (spreektaal) bestoken, beschieten
    «Ce chanteur s'est fait canarder de dizaines de chaussures lors de son concert.»
    Die artiest is tijdens zijn concert met tientallen schoenen bekogeld. [1]

Verwijzingen