buitenissigheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bui·te·nis·sig·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord buitenissigheid buitenissigheden
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

buitenissigheid v

  1. het buitenissig zijn van iets of iemand
    • De Smart is populair vanwege zijn buitenissigheid. 

Gangbaarheid