Naar inhoud springen

broeierig

Uit WikiWoordenboek
  • broei·e·rig
stellendvergrotendovertreffend
onverbogen broeierigbroeierigerbroeierigst
verbogen broeierigebroeierigerebroeierigste
partitief broeierigsbroeierigers-

broeierig [1]

  1. drukkend, verstikkend, benauwd heet bijv. vlak voordat onweer ptreedt
     Voorafgaand aan deze buien uit wordt het morgen eerst nog broeierig warm. De temperatuur loopt op naar 25 tot 33 graden. In de loop van de dag trekken de zware onweersbuien vervolgens vanuit het zuiden over het land.[2]
  2. erotisch, zwoel, wellustig, wulps
    • Bij tangodansen is men welhaast verplicht om broeierige blikken te werpen! 
  3. (psychologie)wat droevig, depressief of gepijnigd
     Nog zo'n typerende zwart-wit-foto is een groepsportret van een stel muzikanten uit Assen. Samen stonden ze bekend als de Showboot, een soort revuegezelschap waarmee ze langs feestzalen gingen. Harry Muskee staat in het midden in zwart kostuum. Hij heeft een grote bas voor zich, de handen op de snaren. Hij kijkt broeierig, hij heeft de blues. Het was op de drempel van de sixties.[3]
97 %van de Nederlanders;
96 %van de Vlamingen.[4]
  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink geraadpleegd op 8 juli 2023 Weblink bron “Morgen code oranje in oosten en zuidoosten: zware hagel en onweer verwacht” (8 juli 2023), NOS
  3. Bronlink geraadpleegd op 11 mei 2025 Weblink bron “Window of my eyes: Harry Muskee en de verloren tijd” (zaterdag 16 januari 2016, 13:44), NOS
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be