bierton

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bier·ton
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bierton biertonnen
verkleinwoord biertonnetje biertonnetjes

Zelfstandig naamwoord

bierton v/m

  1. vat waarin men bier kan bewaren
    • Michiel de Ruyter illustreert het betoog van De Witt met allerlei beelden van succesvolle Nederlandse expansie. We zien in vogelvlucht een markt in Azië waar een hand in een volle zak specerijen graait, daarna een bierton die over de kade rolt. Er staat overduidelijk Grolsch op geschreven. [1] 
    • De biertenten waren al goed gevuld met heel wat dorstige kelen, toen burgemeester Christian Ude van München zaterdag het jaarlijkse festival van het bier met twee slagen van de hamer op een bierton opende. Zijn boodschap: 'Drink met mate. Niet iedereen hoeft te weten, dat je een idioot bent'. [2] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen