bibliotheekgebouw

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bi·blio·theek·ge·bouw
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bibliotheekgebouw bibliotheekgebouwen
verkleinwoord bibliotheekgebouwtje bibliotheekgebouwtjes

Zelfstandig naamwoord

bibliotheekgebouw o

  1. een gebouw dat ingericht is als bibliotheek
    • Een oud bibliotheekgebouw. 

Gangbaarheid