bergopwaarts

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • berg·op·waarts
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen bergopwaarts
verbogen bergopwaartse
partitief bergopwaarts

Bijvoeglijk naamwoord

bergopwaarts

  1. naar boven langs de berghelling

Bijwoord

bergopwaarts

  1. in de richting van de voet naar de top

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.