opwaarts

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·waarts
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van op met het achtervoegsel -waarts.
stellend
onverbogen opwaarts
verbogen opwaartse
partitief opwaarts

Bijvoeglijk naamwoord

opwaarts

  1. naar boven gericht

Bijwoord

opwaarts

  1. bergop, tegen de hoogte op
  2. naar de hemel, naar boven, omhoog

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.