behoorden aan
Uiterlijk
- Geluid: behoorden aan (hulp, bestand)
- IPA: / bəˈhordə(n) ˈan / (4 lettergrepen)
- be·hoor·den aan
| vervoeging van |
|---|
| aanbehoren |
behoorden (…) aan
- meervoud verleden tijd van aanbehoren
- Wij behoorden aan.
- Jullie behoorden aan.
- Zij behoorden aan.
- Wij behoorden aan.
- Het woord 'behoorden aan' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.