aspiratie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • as·pi·ra·tie
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘eerzucht’ voor het eerst aangetroffen in 1857 [1]
  • Afgeleid van aspireren met het achtervoegsel -atie
enkelvoud meervoud
naamwoord aspiratie aspiraties
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

aspiratie v

  1. (medisch) het verwijderen of opvangen van materiaal door opzuiging
    • Verander de richting van de naald na elke 5 cc tijdens de aspiratie, om te vermijden dat er perifeer bloed wordt opgezogen. 
    • Bij een aspiratie pneumonie is de longontsteking ontstaan doordat voeding of vocht in de long is terecht gekomen. 
  2. iets wat men wenst te bereiken
    • Hij had aspiraties om de nieuwe directeur te worden. 
  3. (taalkunde) uitspraak waarbij een klank vergezeld gaat van een hoorbare ademstroom
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen