ambiance
Uiterlijk
- am·bi·an·ce
- Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘sfeervolle omgeving’ voor het eerst aangetroffen in 1959 [1]
- uit het Frans [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | ambiance | ambiances |
| verkleinwoord |
- Het woord ambiance staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "ambiance" herkend door:
| 96 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[4] |
- ↑ "ambiance" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ ambiance op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Paul Fournel“Thuis in het peleton” (2023), Oevers, ISBN 9789493290396
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 96 %
- Prevalentie Vlaanderen 98 %