alleenrecht

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·leen·recht
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord alleenrecht alleenrechten
verkleinwoord alleenrechtje alleenrechtjes

Zelfstandig naamwoord

alleenrecht o

  1. een via de wet verkregen monopolie bijvoorbeeld door een patent of concessie
    • Een concessie is een vergunning van de overheid die anderen uitsluit. De verkrijger van de concessie of concessiehouder krijgt dus een monopolie (alleenrecht) op bijvoorbeeld een stuk grondgebied. 

Gangbaarheid