afkeurend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·keu·rend

Werkwoord

vervoeging van: afkeuren
verbogen vorm: afkeurende

afkeurend

  1. onvoltooid deelwoord van afkeuren


stellend vergrotend overtreffend
onverbogen afkeurend afkeurender afkeurendst
verbogen afkeurende afkeurendere afkeurendste
partitief afkeurends afkeurenders -

Bijvoeglijk naamwoord

afkeurend

  1. wijzend op een negatief oordeel
    • Tegen het afschotplan is fel gedemonstreerd. Op Facebook zorgt de verkoop van het vlees voor veel afkeurende reacties. Bij Staatsbosbeheer zijn dinsdag geen protesten binnengekomen, aldus een woordvoerder. [1] 
    • De trainer van Paris Saint-Germain had de hele eerste helft volop afkeurende gebaren gemaakt richting zijn spelers, maar in deel twee waren de Fransen wel duidelijk de bovenliggende partij. [2] 
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.


Verwijzingen