achterliggend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ach·ter·lig·gend
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
achterliggen

achterliggend

  1. onvoltooid deelwoord van achterliggen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen achterliggend
verbogen achterliggende
partitief achterliggends - -

Bijvoeglijk naamwoord

achterliggend

  1. voorbij zijnde
    • Het achterliggende jaar is de wereld opnieuw opgeschrikt door jihadistische aanslagen, die onnoemelijk veel menselijk leed en verdriet hebben veroorzaakt. We mogen en zullen op geen enkele manier toestaan dat terroristen onze vrijheid, veiligheid en democratische waarden bedreigen.[1] 
  2. wat de oorzaak is van een handeling
    • Het is voor het eerst dat Ankara om de uitlevering van Gülen vraagt, en daarbij de couppoging als achterliggende reden geeft. [2] 

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Troonrede 2016
  2. NRC Sjoerd Klumpenaar 13 september 2016