aardpek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aard·pek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aardpek aardpekken
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

aardpek o

  1. asfalt

Gangbaarheid

42 % van de Nederlanders;
48 % van de Vlamingen.