pek

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pek -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

pek m en o

  1. bitumineuze vaste stof
    De rammeiers werden met hete pek bekogeld.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl

Werkwoord

vervoeging van
pekken

pek

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van pekken
    Ik pek.
  2. gebiedende wijs van pekken
    Pek!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van pekken
    Pek je?