aangerecht

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·ge·recht
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
aanrechten

aangerecht

  1. voltooid deelwoord van aanrechten

Gangbaarheid