zwartkijker

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zwart·kij·ker
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zwartkijker zwartkijkers
verkleinwoord zwartkijkertje zwartkijkertjes

Zelfstandig naamwoord

zwartkijker m

  1. een pessimist
    zwartkijkers staan vaak niet volop in het leven.
  2. iemand die een televisietoestel in huis heeft zonder kijkgeld te betalen
    Televisiemaatschappijen krijgen steeds meer te maken met zwartkijkers.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen