zekerheid
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ze·ker·heid
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zekerheid | zekerheden |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
zekerheid v
- het uitgesloten zijn van andere mogelijkheden
- Had je maar zekerheid!