veiligheid
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- vei·lig·heid
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | veiligheid | veiligheden |
| verkleinwoord | (veiligheidje) | (veiligheidjes) |
Zelfstandig naamwoord
veiligheid v
- een situatie waarin een bepaald gevaar niets kan aanrichten
- De huizen werden in veiligheid gebracht voor de naderende storm.