wisselgeld
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- wis·sel·geld
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | wisselgeld | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
wisselgeld o
- geld dat men terugontvangt bij het inwisselen van groot geld of na een betaling met een groter bedrag dan men verschuldigd is
- kleingeld
- kleine concessie om een plan als geheel aanvaard te krijgen
- De mensenrechten mogen niet als wisselgeld worden gebruikt