waarmee
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- waar·mee
| vnw. bijw. | ||
|---|---|---|
| voorzetselbijwoord | mee | |
| persoonlijk | ermee | |
| aanwijz. | nabij | hiermee |
| veraf | daarmee | |
| vragend/betrekk. | waarmee | |
Voornaamwoordelijk bijwoord
(scheidbaar)
waarmee
- vragend met wat?, met welk?
- Waarmee heeft hij dat gedaan?
- betrekkelijk met wat, met hetwelk
- Dit is het mes waarmee hij het brood snijdt.
- Dit is het mes waar hij het brood mee snijdt.