vegen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ve·gen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vegen
veegde
geveegd
zwak -d volledig

Werkwoord

vegen

  1. (overgankelijk) zonder water schoonmaken met een borstel
    Vergeet niet de vloer nog te vegen!
  2. (figuurlijk) door ergens langs te strijken verplaatsen of verwijderen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [2]: een voorstel van tafel vegen
een punt tot onbelangrijk verklaren, niet behandelen of afwijzen
  • [2]: onder het tapijt vegen
in de doofpot stoppen
  • [2]: van de kaart vegen
totaal vernietigen
Typische woordcombinaties
  • [1]: de vloer vegen
  • [1]: een schoorsteen vegen
  • [1]: je voeten aan de deurmat vegen
  • [2]: de tranen van je wangen vegen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

vegen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord veeg


Noors

Woordafbreking
  • ve·gen
Naar frequentie 27161

Zelfstandig naamwoord

vegen, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van veg
Schrijfwijzen


Nynorsk

Woordafbreking
  • ve·gen

Zelfstandig naamwoord

vegen, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van veg