tuja

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
En tuja.
Een levensboom.


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • tu·ja
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Griekse woord thyia (geurend gewas).

Zelfstandig naamwoord

tuja m

  1. (plantkunde) levensboom, thuja
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tuja     tujaen     tujaer     tujaene  
genitief   tujas     tujaens     tujaers     tujaenes  
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • tu·ja
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Griekse woord thyia (geurend gewas).

Zelfstandig naamwoord

tuja m

  1. (plantkunde) levensboom, thuja
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tuja     tujaen     tujaer     tujaene  
genitief                
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen