tiet

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tiet
enkelvoud meervoud
naamwoord tiet tieten
verkleinwoord tietje tietjes

Zelfstandig naamwoord

tiet v/m

  1. (informeel) vrouwelijke borst
    De hele zaal scandeerde 'wij willen tieten zien!'.
    Laatst viel mijn blik ergens op
    Het was dat mokkel van om de hoek,
    met die lekkere tieten
    Helaas was het tomatensoep
    [1]
Vertalingen
Verwijzingen
  1. blz 26. Klotegedichten - Kutter dan het leven
    Door Collectief Slachthuis
    Uitgegeven door Collectief Slachthuis, 2010 ISBN 9781446107522
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen