symboliseren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- sym·bo·li·se·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| symboliseren |
symboliseerde |
gesymboliseerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
symboliseren
- (overgankelijk) een kenteken ergens van zijn
- De Azteekse adelaar symboliseerde de stichting van de stad Mexico.