spektakel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
  • IPA: /spɛkˈtaːkəl/
Woordafbreking
  • spek·ta·kel
enkelvoud meervoud
naamwoord spektakel spektakels
verkleinwoord spektakeltje spektakeltjes

Zelfstandig naamwoord

spektakel o

  1. opzienbarend schouwspel, wonderbare vertoning
    De festiviteiten werden geopend met een groots spektakel.
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie



Deens

Zelfstandig naamwoord

spektakel o

  1. driftbui
Verbuiging


Zweeds

Zelfstandig naamwoord

spektakel o

  1. spektakel
Verbuiging
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen