sjoel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sjoel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord sjoel sjoels
verkleinwoord sjoeltje sjoeltjes

Zelfstandig naamwoord

sjoel m

  1. gebedshuis van joden
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
sjoelen

sjoel

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sjoelen
    Ik sjoel.
  2. gebiedende wijs van sjoelen
    Sjoel!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sjoelen
    Sjoel je?

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen