richten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rich·ten
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
richten
richtte
gericht
zwak -t volledig

Werkwoord

richten

  1. (overgankelijk) op een bepaald doel afstemmen
    Hij richtte zijn pijlen op een opening in hun wapenrusting.
  2. (wederkerend) zich ~ op: een bepaald doel nastreven
    WikiWoordenboek richt zich op het weergeven van alle woorden in alle talen, beschreven in het Nederlands.
Gelijkklinkende woorden
Vertalingen