rechtbank
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- recht·bank
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | rechtbank | rechtbanken |
| verkleinwoord | (rechtbankje) | (rechtbankjes) |
Zelfstandig naamwoord
- (juridisch) een instelling waar rechtgesproken wordt
- Bij moet morgen naar de rechtbank.
- gerechtsgebouw
- aanrecht (in de keuken)
Synoniemen
Hyponiemen
Vertalingen
1. een instelling waar rechtgesproken wordt
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.