ontnemen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ont·ne·men
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| ontnemen |
ontnam |
ontnomen |
| klasse 4 | volledig | |
Werkwoord
ontnemen
- zorgen dat iemand ergens niet meer over beschikt
- Hij liet zich zijn plezier niet ontnemen.