ont-
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
| Huidig bestand |
|---|
| 115 |
Woordherkomst en -opbouw
|
|
Niet buiten Germaans. |
Voorvoegsel
(niet scheidbaar)
ont-
- ont- + werkwoord geeft een beƫindiging van een werking of een verwijdering aan.
- Iets ontvangen betekent iets uit andersmans handen krijgen.
- ont- + werkwoord vormt een in de regel ergatief werkwoord dat het begin van een spontaan proces aanduidt.
- Ontbranden betekent spontaan in brand vliegen.
- ont- + zelfstandig naamwoord + -en vormt een werkwoord dat een verwijdering van iets aangeeft.
- Iets ontbladeren betekent bladeren verwijderen
- ont- + bijvoeglijk naamwoord + -en vormt een werkwoord dat de beƫindiging van een hoedanigheid aangeeft.
- Een klank ontronden betekent de klank minder gerond maken
- Het ontvetten van de keuken was een lastige klus.
- ont- + bijvoeglijk naamwoord + -en vormt een werkwoord dat het begin van een hoedanigheid aangeeft.
- Iemand ontnuchteren betekent echter juist iemand nuchter maken, bijvoorbeeld door de dronkenschap te beƫindigen.
- Op verzoek van de arts ontblootte hij zijn bovenlijf.