noir

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse niger (zwart).
  enkelvoud meervoud
  mannelijk   noir noirs
  vrouwelijk   noire noires

Bijvoeglijk naamwoord

noir m

  1. (kleur) zwart
    «J'ai un chat noir
    Ik heb een zwarte kat.
  2. donker
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  noir     le noir     noirs     les noirs  

Zelfstandig naamwoord

noir m

  1. (kleur) zwart
  2. zwarte
  3. donker
    «J'ai peur dans le noir
    Ik ben bang in het donker.