mistake

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
mistake mistakes

Zelfstandig naamwoord

mistake

  1. vergissing, fout
    «That was a serious mistake
    Dat was een ernstige fout.


vervoeging
onbepaalde wijs to mistake
he/she/it mistakes
verleden tijd mistook
voltooid
deelwoord
mistaken
onvoltooid
deelwoord
mistaking
gebiedende wijs mistake

Werkwoord

mistake

  1. ~ for: verwarren met
    «He mistook the second exit for the third and made a wrong turn.»
    Hij verwarde de tweede uitrit met de derde en sloeg verkeerd af.
  2. be mistaken: zich vergissen
    «He was sorely mistaken
    Hij vergiste zich deerlijk.