kwetsen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- kwet·sen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| kwetsen |
kwetste |
gekwetst |
| zwak -t | volledig | |
Werkwoord
kwetsen
- beschadigen, schaden
- De tocht over de hobbelige keien kwetste de geplukte bosbessen die we achter in de auto hadden liggen.
- beledigen, schofferen
- Hij voelde zich erg gekwetst door die opmerking.
Vertalingen
2. beledigen, schofferen
Zelfstandig naamwoord
kwetsen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord kwets