verwonden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·won·den
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verwonden
verwondde
verwond
zwak -d volledig

Werkwoord

verwonden

  1. (overgankelijk) lichamelijk letsel veroorzaken
    De pijl verwondde de ruiter.
  2. (wederkerend) lichamelijk letsel oplopen
    Hij viel in het prikkeldraad en verwondde zich lelijk.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen