komiek

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ko·miek
enkelvoud meervoud
naamwoord komiek komieken
verkleinwoord komiekje komiekjes

Zelfstandig naamwoord

komiek m

  1. (beroep) iemand die een publiek vermaakt door ze aan het lachen te brengen
    Hij is een uitstekende komiek.
Vertalingen
stellend
onverbogen komiek
verbogen komieke

Bijvoeglijk naamwoord

komiek

  1. lachlust opwekkend
    Dat veroorzaakte een uiterst komieke situatie.
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen