knop

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • knop
enkelvoud meervoud
naamwoord knop knoppen
verkleinwoord knopje knopjes

Zelfstandig naamwoord

knop m

  1. klein, meestal rond, uitstekend deel van een apparat bedoeld om in te drukken ter besturing ervan
  2. het begin van een uitloper zoals tak, blad of bloem van een plant
Vertalingen


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord knop knoppe
verkleinwoord knoppie knoppies

Zelfstandig naamwoord

knop

  1. knop
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen