inlichten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·lich·ten
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
inlichten
lichtte in
ingelicht
zwak -t volledig

Werkwoord

inlichten

  1. (overgankelijk) opheldering geven
    De jongen liet zich inlichten door de politie.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen